Jongeren en autorijden, gaat dat goed?

Jonge bestuurders en ouders geven hun mening
Rijbewijs halen op je 17e en direct achter het stuur met 2todrive. Die mogelijkheid had u als jongere indertijd niet, maar uw zoon of dochter tegenwoordig wel. Vertrouwt u uw kind in het autoverkeer? Mag hij bijvoorbeeld zomaar uw auto gebruiken? Onderzoeksbureau GfK heeft in opdracht van Univé onderzocht hoe ouders en jonge bestuurders (17 – 24 jaar) denken over autorijden, schade en verzekeringen. De uitkomsten zijn opmerkelijk.

2todrive: op je 17e een autorijbewijs halen
Sinds november 2015 is 2todrive als algemene regeling ingevoerd. Daardoor mag uw kind met 16,5 jaar starten met autorijlessen en vanaf zijn 17e praktijkexamen doen. Slaagt hij, dan mag hij tot zijn 18e niet zelfstandig achter het stuur. Er moet een coach met een begeleiderspas naast hem zitten. Vaak is dat één van de ouders.

Autorijden met een coach
Uit het onderzoek van GfK blijkt dat de meeste mensen zich houden aan die afspraak, hoewel toch nog 13% van de ouders hun 17-jarige wel eens zonder coach laat rijden. Niet iedere jongere vindt dat zijn ouder goede coachingsvaardigheden heeft. Zo’n 15% oordeelt dat pa of ma te bemoeizuchtig is. Wel geeft bijna de helft van de jongeren toe dat ze netter rijden als één van de ouders naast hen zit.

Auto lenen van vader of moeder
Mogen jongeren eenmaal zelfstandig rijden, dan zijn ouders redelijk gemakkelijk in het uitlenen van de auto: 77% vindt dat goed. De ene ouder is bij het uitlenen gemakkelijker dan de ander: 20% van de jongeren mag de auto pakken zonder te vragen en 38% leent de auto zonder dat daar voorwaarden aan verbonden zijn. Anderen moeten eerst een preek aanhoren voordat zij in de auto kunnen stappen.

Zolang u de auto af en toe uitleent aan uw kind, heeft dat geen gevolgen voor de autoverzekering. Maar dat verandert als uw kind vaker achter het stuur zit dan uzelf en in feite de regelmatige bestuurder is.

Hoe is de auto verzekerd?
De autoverzekering wekt maar weinig interesse op bij jongeren. Zo weet 8% van de jongeren met een eigen auto niet hoe deze verzekerd is. Toch is dat belangrijke kennis. Een WA-verzekering is verplicht. Maar deze vergoedt alleen de materiële en de letselschade die je met je auto veroorzaakt bij anderen en waarvoor jij aansprakelijk bent. Schade aan de eigen auto wordt alleen met een WA+ verzekering vergoed. Het gaat dan om schade door diefstal, brand, storm, bliksem of hagel. Pas met een Allrisk-dekking is er recht op vergoedingen voor bijvoorbeeld schade door botsen, omslaan en slippen. En belangrijk: ook de schade die je zelf hebt veroorzaakt aan de auto, is dan gedekt.

Autoverzekering op naam van wie?
Een zorgelijk punt is dat bij 1 op de 3 jongeren met een eigen auto de verzekering niet op eigen naam staat. Dat kan problemen geven, want autoverzekeraars hebben als voorwaarde dat de regelmatige bestuurder degene is die het verzekeringscontract ondertekent. Maar jongeren zullen merken dat zij met een eigen autoverzekering een stuk duurder uit zijn dan hun ouders. Dat komt ten eerste doordat jongeren onevenredig meer schade veroorzaken in het verkeer. En voor dat hogere risico betalen zij een hogere premie. Ten tweede hebben jongeren slechts weinig tot geen schadevrije jaren opgebouwd. Ze profiteren dus niet van een mooie no-claimkorting.

Korting op de autoverzekering voor jongeren
Wat veel ouders én de jongeren niet weten is dat ook jongeren korting op hun autopremie kunnen krijgen. Heb je als jongere bijvoorbeeld bij Univé je brommer verzekerd en heb je daar schadevrije jaren opgebouwd? Dan kun je die meenemen als je van de bromfietsverzekering overstapt naar een autoverzekering bij Univé. Dat levert een lagere premie op. Ook door mee te doen aan een slipcursus van Trials kan er flink bespaard worden op de premie. Zeker iets om over na te denken.