Autorijden in regen en mist

Een plotseling opduikende mistbank of een hevige regenbui maken autorijden een stuk moeilijker. Bij slecht weer is thuis blijven misschien beter, maar niet altijd mogelijk. Pas daarom uw rijgedrag aan bij verminderd zicht en kans op aquaplaning.

Rijstijl aanpassen in de regen
Volgens de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) verdubbelt de kans op een ongeluk tijdens een regenbui. Goed dus om te weten wat u moet doen als u in een hoosbui terechtkomt terwijl u in de auto zit.

• Rijd niet te hard. De banden komen met een lage snelheid beter in contact met het wegdek en hebben dan bovendien meer tijd om het water af te voeren. Ook kunt u bij een rustig tempo beter reageren op onverwachte situaties. Heel belangrijk gezien het feit dat bij hevige regenval het zicht terug kan lopen tot 50 meter.
• Houd voldoende afstand. Denk aan de twee seconden regel.
• Voorkom dat u abrupt moet remmen. Door hard te remmen kunt u in een slip raken.
• Blijf op het midden van uw weghelft. De grootste plassen bevinden zich vaak aan de zijkant van de weg.
• Rijd in het spoor van uw voorganger. Die heeft het water op de weg al verplaatst en zo voor een berijdbare weg gezorgd.
• Haal liever niet in. Sproei- en spatwater (vooral van vrachtverkeer) kan uw zicht sterk verminderen.
• Droog uw schoenen op de mat voordat u wegrijdt. U voorkomt dan dat uw voeten van rem, koppeling of gaspedaal glijden.
• Ga niet rijden als uw autoruiten beslagen zijn, maar ontwasem ze eerst. En zorg voor schone ruiten. Vervang daarom de rubbers van uw ruitenwissers éénmaal per jaar en maak de binnenkant van de autoruiten regelmatig schoon.
• Soms is het onverantwoord om door te rijden in een flinke hoosbui. Zoek dan een veilige plek op te stoppen,het  liefst op een parkeerplaats. Kunt u alleen terecht op de vluchtstrook, zet dan uw waarschuwingslichten aan en ga zelf achter de vangrail staan.

Aquaplaning voorkomen met goede banden
Als er tussen de auto en het wegdek een laagje water komt, is er sprake van aquaplaning. U verliest de grip op de weg en kunt in een slip raken. De kans daarop verkleint u met goede banden. Smalle banden bijvoorbeeld hoeven minder water weg te werken en geven dus minder kans op aquaplaning dan brede banden. En winterbanden voorkomen aquaplanning beter dan zomerbanden.

Bandenprofiel en bandenspanning controleren
Om het water op de weg goed weg te werken, moeten het bandenprofiel en de bandenspanning in orde zijn. Controleer uw banden daar eenmaal per maand op. Volgens de wet moet de profieldiepte van autobanden minimaal 1,6 mm te zijn over het hele loopvlak. Geadviseerd wordt echter om zomerbanden al te vervangen bij een profieldiepte van 2 mm, en winterbanden bij 4 mm. Wat de juiste bandenspanning is, staat meestal aan de binnenkant van het tankklepje, in het dashboardkastje of in de binnenzijde van de deur.

Wat te doen bij aquaplaning of een slip?
• Trap niet op de rem. De wielen blokkeren dan, u verliest de controle en u kunt ook niet meer sturen.
• Laat in plaats daarvan het gas rustig los. Zo kunt u afremmen op de motor en vergroot u de kans dat de auto weer contact maakt met de weg.
• Trap de koppeling in. De wielen bewegen dan vrij en u kunt rustig sturen.
• Ga niet fel tegensturen, maar kijk naar het punt waar u naar toe wilt en stuur kalm die richting uit.
• Zit u al in een slip, stuur dan de kant van de slip op, tot de achterwielen hun grip terugkrijgen. Stuur dan weer terug naar de andere kant om de auto weer recht te krijgen.

Wilt u zeker weten dat u deze gevaarlijke situatie de baas kunt? Dan is een slipcursus misschien iets voor u.

Veilig autorijden door mist
Mist is één van de meest verraderlijke weersomstandigheden op de weg. Lokale mistbanken doemen vaak onverwacht op en reageer dan maar eens alert. En niet iedereen weet dat bij mist het wegdek gevaarlijker kan zijn dan bij een natte rijbaan. Mist kan aanvriezen of er kan door rubbersporen en olievlekken een gladde film op de weg ontstaan. Wees daarom bij mist extra voorzichtig en pas uw rijstijl aan.
• Verminder snelheid voordat u de mistbank in rijdt. Vuistregel: rijd bij een zicht van 50 meter 50 kilometer per uur.
• Verdubbel de afstand. Oriënteer u bij het schatten van de afstand niet op de achterlichten en mistlampen van uw voorligger. U krijgt dan de neiging dichter achter hem te gaan rijden. Beter kunt u zich richten op signaleringen zoals verlichtingspalen en hectometerpaaltjes. Hectometerpaaltjes staan 100 meter uit elkaar, verlichtingspalen 50 meter.
• Haal niet in. U kunt in de mist tegenliggers niet zien aankomen en zij u ook niet.
• Voorkom plotseling en hard remmen. Degene die achter u rijdt kan daar niet snel genoeg op reageren en zit zo tegen u aan.
• Waarschuw achterliggers bij eventuele filevorming met uw waarschuwingslichten.
• Open eventueel een raam, u kunt dan ook uw gehoor gebruiken.
• Vertrek eerder zodat u meer tijd heeft en rustig kunt rijden.

Wanneer mistlichten aan?
Dimlicht, mistlicht voor en achter, grootlicht. Hoe zat het ook alweer, wanneer gebruikt u welk licht?
• Zolang het zicht meer dan 200 meter is, gebruik u dimlicht.
• Is het zicht minder dan 200 meter, dan gebruikt u mistlampen voor.
• Bij een zicht minder dan 50 meter, gebruikt u pas de mistlampen achter.
• U kunt de dimlichten uitzetten als de mistlampen aan zijn.
• Gebruik nooit het grootlicht. Grootlicht weerkaatst op de mist en u rijdt dan als het ware tegen een muur van licht aan. U kunt bovendien een tegenligger verblinden.
• Verbetert het zicht, zet dan de mistlamp direct uit. Vergeet niet het dimlicht dan weer aan te zetten.

Autoschade bij kettingbotsing 
Soms leest u dat mist heeft geleid tot een kettingbotsing. Daar kunnen veel auto’s tegelijk bij betrokken zijn. Hoe zit het in dat geval met de schadevergoeding? De wet bepaalt dat automobilisten moeten zorgen voor voldoende afstand tot hun voorganger. Degene die iemand van achterop aanrijdt, is daarom in beginsel aansprakelijk en zijn WA-autoverzekering vergoedt de schade van de aangereden auto.

Maar bij een kettingbotsing is die schuldvraag vaak niet zo duidelijk. Want stel dat u op tijd bent gestopt, maar dat u zelf van achteren wordt aangereden en uw auto dan doorschuift zodat u alsnog uw voorganger aanrijdt? Als er veel auto’s bij de kettingbotsing betrokken zijn, is het onbegonnen werk om precies vast te stellen wie welk aandeel daarin had. Om juridisch getouwtrek te voorkomen hebben de verzekeraars daarom besloten dat in die complexe situatie de slachtoffers de schade vergoed krijgen door hun eigen autoverzekeraar. Bovendien heeft de schadevergoeding dan geen gevolgen voor de autopremie.